Anna Fonds
Optimale heupprothese voor jongere
Op 15 januari werd de Anna Prijs voor een uitmuntende onderzoeker op het gebied van het steun- en bewegingsstelsel uitgereikt aan dr. Wim Schreurs. Hij ontving de prijs voor zijn langlopende research naar een duurzame heupprothese voor jongeren.

Schreurs is orthopeed en onderzoeker en werkzaam aan het UMC St Radboud in Nijmegen. "Als academische afdeling orthopedie vonden wij het belangrijk om te focussen op deze groep patiënten, want voor hen is een prothese die lang meegaat belangrijk. " Een duurzame heupprothese is om diverse redenen belangrijk voor deze jonge mensen. Mensen die op jongere leeftijd, soms al op hun twintigste, een prothese nodig hebben, hebben al een hele ziektegeschiedenis achter zich. Vaak hadden ze een aangeboren afwijking, zoals een heupluxatie, maar de heupproblemen kunnen ook ontstaan zijn door een ongeval.

Sociaal isolement
Schreurs: "Wij merken dat jonge mensen buitengesloten kunnen raken door hun handicap. Ze kunnen fysiek niet mee, terwijl de tijdgeest is dat iedereen normaal moet zijn. En het liefst meteen nu. Dat betekent dat je moet schipperen. Want nu meteen een heupprothese betekent weliswaar dat ze weer mobiel zijn en je niet meer ziet dat ze gehandicapt zijn, maar ook vrijwel zeker dat ze later een tweede prothese nodig zullen hebben. Bij jongere mensen speelt het probleem van een tweede prothese veel meer dan bij ouderen, want ze bewegen meer waardoor de prothese sneller slijt én ze hebben nog een heel leven voor zich. Daarom is het zo belangrijk om voor hen een optimale behandeling te zoeken."

Bottekort in kom
De aandacht gaat in Nijmegen in het bijzonder uit naar een lastig te behandelen groep, namelijk patiënten bij wie het bot van de heupkom is aangetast. Men kiest ervoor om eerst het bot te repareren, en dan pas een nieuwe heupprothese te plaatsen. Veel Nijmeegse onderzoekers hebben gewerkt aan het perfectioneren van deze botreparatie, de botimpactie-techniek. Schreurs: "Het is echt teamwork. Bij mijn dankwoord voor de Anna Prijs heb ik daarom steeds bij de wetenschappelijke ontwikkelingen vermeld welke mensen eraan hebben gewerkt." Onder andere registreerden de onderzoekers gedurende dertig jaar hoe het de geopereerde patiënten verging.

Gunstig verloop
De gekozen aanpak bleek effectief. Onlangs werden de resultaten van de registratie van circa 300 jonge patiënten bekend: zij doen langer met een prothese dan in de internationale literatuur wordt gemeld. Bijna 90 procent van de patiënten die met de botimpactie-techniek behandeld zijn, hebben twintig jaar later nog steeds dezelfde kunstheup. Ook bleken de resultaten gunstig bij patiënten bij wie de heupkop vervangen werd vanwege een falende kom: twintig jaar na de operatie had 75 procent geen komrevisie nodig gehad. Als dat wel nodig was, bleek de kunstheup vervangbaar, omdat de botimpactie-techniek had bijgedragen aan een goede botopbouw. En deze resultaten brengen niet alleen voordeel voor de jongeren. "Als oudere patiënten een gebrek aan bot in de heupkom hebben, dan gebruiken we bij hen nu ook de botimpactie-techniek."

Toekomst
Met nieuwe materialen voor de protheses, zoals keramische en kunststofmaterialen, is het probleem dat men pas na tien jaar gebruik van de nieuwe materialen kan bepalen of die echt duurzamer zijn dan de metalen prothesen die van oudsher worden gebruikt. Op dit moment zijn van de nieuwe materialen nog geen resultaten op de lange termijn bekend. Een hoopvolle ontwikkeling ziet Schreurs in het ontwerpen van een kunstheup waarin de wrijvingskrachten in het gewricht kleiner zijn. Dan zullen de kop en kom namelijk minder hard slijten. Ook in het uitdenken van nieuwe behandelingen die het plaatsen van een eerste heupprothese uitstellen, ziet hij toekomst. Zulke voortgang in de behandeling vraagt wel om verder onderzoek.

De Anna Prijs wordt eens in de twee jaar door het Anna Fonds uitgereikt aan een wetenschapper, die excellent biomedisch onderzoek verrichtte van het steun- en bewegingsstelsel.

4 februari 2009